Ik voel mij vereerd, waren de eerste woorden van Mister Go Ahead Eagles John Oude Wesselink. Hij won de publieksverkiezing via social media op onze website.
De uitverkiezing streelt hem duidelijk, maar roept ook vragen op: “Wat doet de club ermee, zij moeten dat eigenlijk uitstralen”.


John Oude Wesselink is uitgeroepen tot ‘Mister Go Ahead Eagles’ en daar is hij best trots op. “Ik voel mij vereerd dat het publiek mij waardeert”. De club bepaalde bijna 25 jaar lang zijn carrière, is ervoor in Deventer gebleven en voelt zich ondertussen ook Deventenaar: “De stad en de club zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, Deventer is bekend om Kowet, meer nog dan Bussink koek”. John is als voetballer de club altijd trouw gebleven: “Ondanks goede aanbiedingen ben ik gebleven bij Go-Ahead, dat heeft natuurlijk ook met de sportwinkels te maken”. Clubliefde hield hem met name in Deventer, iets wat tegenwoordig ver te zoeken is: “Tegenwoordig is het net een duiventil, er is geen associatie meer…”.

John begon ooit op de Boxbergerweg met een sportwinkel en breidde dat in een later stadium uit. Ondertussen houdt de oud-verdediger zich bezig met vastgoed: “Ik vind dat leuk, dat doe ik nu zo’n 15 jaar”. Daarnaast is John sportief actief: “Ik golf regelmatig, fiets veel en schaats twee tot drie keer per week”. John gaat binnenkort weer naar de Weissensee om daar een grote toertocht te schaatsen.

Foto: Niet te Kraken

Als zijn gedachten terugdwalen naar zijn actieve voetbalperiode, schieten twee zaken er echt uit: “Mijn debuut, dat was in augustus 1969. We speelden een uitwedstrijd in De Meer tegen het grote Ajax en ik mocht debuteren”. We verloren met 2-1 in Amsterdam. Maar ook een speciaal duel is een wedstrijd met Jong-Oranje in De Adelaarshorst: “Geweldige wedstrijd tegen dé talenten van Italië die bijna allemaal de wereldtop bereikten en we wonnen met 2-0”.

Foto: Niet te Kraken

Na zijn actieve voetballoopbaan duikt de naam Oude Wesselink op rondom het hernieuwde jeugdplan van ‘zijn’ club. Samen met Henk ten Cate schreef hij een nieuw plan en stond daar drie jaar garant voor. Ondertussen heeft hij geen actieve rol meer aan de Vetkampstraat: “We droegen het plan na drie jaar over aan de club, het stond er goed op maar we verschilden van mening rondom de technische rode draad die door de vereniging moest lopen, hoe die gestalte zou moeten krijgen…”.

John heeft nog steeds een hart voor de jeugd: “Vroeger was ik dagelijks op het veld ten tijde van het jeugdplan, we waren er van overtuigd dat opleiden essentieel is, zoals AZ en Ajax dat ook doen”. Niet alleen voor het gewin, maar ook voor het voetbal acht John dat belangrijk: “Je moet spelers alle facetten laten beheersen, ook fysiek.” John licht toe vanuit de hedendaagse praktijk: “Ik zie nu regelmatig bizarre situaties ontstaan die je kunt voorkomen als je er op traint: ik trainde vroeger op slidings, kon ze met twee benen maken, tegenwoordig levert het louter gevaar op”.

Het doet John duidelijk wel wat; hij betreurt duidelijk dat GA Eagles zo weinig doet met oud-spelers: “Ik loop rond in de businessclub, ken veel mensen en spui wel eens wat richting de juiste mensen, maar wat doen ze er dan mee…”. De oud-defenseur doelt op het feit dat er erg veel kennis verloren gaat: “Ik spreek soms nog met Van Zoghel, Somer of Veenstra in het stadion, maar daar blijft het dan ook bij…”. Oud-spelers voelen zich net zoveel betrokken bij de club als John, die dit zelf nog steeds ervaart. Maar de club maakt er geen gebruik van, dat zou veel beter kunnen. Aan de andere kant is John de club ook veel verschuldigd: “Go-Ahead heeft een behoorlijke plek in mijn hart, is bepalend geweest voor mijn carrière en ben er door in Deventer blijven hangen.

Foto beschikbaar gesteld door Niet te Kraken

De uitverkiezing streelt hem duidelijk, maar roept ook vragen op: “Wat doet de club er mee, zij moeten dat eigenlijk uitstralen”. John vervolgt: “Henk ten Cate is zeven jaar trainer geweest, van jeugd tot hoofdmacht, bijna 20 jaar bij de club. ”Wim Woudsma 15 jaar, ook jeugdtrainer geweest, daarmee moet de club iets doen, die kennis is waardevol”. Op de vraag of er juist niet voor hem een standbeeld moet komen is John afhoudend: “Dat is natuurlijk niet aan mij, bij Twente staat er een standbeeld van NKufo die er zes jaar speelde, in Deventer komt er een van Halle, tja…”.