Vier columnisten, vier verschillende invalshoeken, maar één gezamenlijke liefde voor Go Ahead Eagles. Jan-Willem Klink, Martijn Jongbloed, Zemir Mujic en Bart de Haan laten dit seizoen ieder op hun eigen manier hun licht schijnen op Kowet. Week 35 is gereserveerd voor een andere nieuwkomer dit seizoen: Bart de Haan!

Mangs bu-j te bange
Er zijn maar weinig plekken waar ik me veiliger voel dan in een Nederlands voetbalstadion. Sterker nog, het mag van mij wel wat onveiliger.

Een seizoen geleden ging ik door mijn enkel op het trapje naast vak 7. Prompt smeet het halve vak bierbekers op het veld. Kennelijk oogde mijn val als een onwelwording. Ik moest praten als Brugman met toegesnelde stewards, ehbo’ers en de medische staf van de tegenstander om op de tribune te mogen blijven. In de wervelwind van goede bedoelingen schopte iemand mijn biertje om.

Vanwege mijn leeftijd ken ik inmiddels wat supporters met hartklachten. Die hopen allemaal hetzelfde. Mócht hun rikketik niet meer bommerdebom doen, laat dit dan in vredesnaam gebeuren in de Adelaarshorst. Dan overleef je het wel.

Naast de uitbundige medische zorg wordt ook de orde streng gehandhaafd rond de Adelaarshorst. In mijn dorp Luttenberg loop ik aanzienlijk meer gevaar dan aan de Vetkampstraat. Hier heb je wolven, bestrijdingsmiddelen, stikstofdemonstraties, carbidschutters, maishakselaars, schrikdraad en slingerende dorpsgenoten op e-bikes. Gelukkig mag ik om de week negentig minuten zorgeloos verpozen op de meest veilige plek in de wijde omtrek.

Een tijdje terug staakte de scheidsrechter de wedstrijd al zodra er wat bier door de lucht vloog. Een verademing na al die doorweekte Luttenbergse volksfeesten. Verongelijkt liep de leidsman met zo’n bekertje naar de zijkant waar de stadionspeaker het publiek tot kalmte moest manen. Het deed mij denken aan die scène van Jiskefet waarin de strenge suppoost een licht opgewonden supporter toespreekt (‘wee je gebeente, vlegel’), totdat de suppoost wordt weggeroepen voor een noodgeval (‘bij de uitgang van vak C is een fles melk omgevallen’).

Ik ben dus een Sallander. Van het brave soort. Mijn ergste misdraging was die keer dat ik iets naars heb geroepen naar Victor Edvardsen. ‘Pak hem zijn hond af!’ Dat was in een periode dat Victors spel leek op werkweigering. Daar heb ik nu spijt van. Zeker nadat ik een foto zag van onze knuffelhooligan met de olijke Bruno.

Als Sallander ben ik tevens pleitbezorger van het motto ‘mangs bu-j te bange’. Oftewel: vaak ben je te bang. Een beetje onveiligheid, dat geeft het leven zwier. Het mooiste uitvak dat we vorig seizoen zagen in de Adelaarshorst, was dat van FC Groningen. Vlak voor de kerst takelden de Groningers een engel omhoog en staken vuurkaarsen aan. Van de wedstrijd kan ik me niets meer herinneren, alleen dat sfeervak heb ik onthouden. De creatie van die fijne herinnering leverde de Groningers geen officiële schouderklopjes op maar een straf. Vorige week mochten de vlegels niet naar ADO vanwege de groene engel bij ons.

Natuurlijk is het niet altijd zo’n feest. Afgelopen weekeinde ging het hopeloos fout in Leeuwarden. Feyenoord-supporters staken vuurwerk af dat in andere vakken belandde. ‘Drietbuuln’, noemen wij zulke idioten. Straf ze hard en pak gerust hun hond af.

Vervelende bijkomstigheid is dat wij, brave borsten die zulk gedrag verachten, straks allerlei strafmaatregelen moeten ondergaan als we naar Cambuur willen. Voor mijn Sallandse vrienden en mij is zo’n uitwedstrijd een vreemde sensatie. Wij transformeren dan van gemoedelijke dorpelingen in potentiële terroristen. Niet dat wij ons anders gedragen. Nee, onze omgeving doet raar. In Athene en Nice gingen we vrolijk op de foto met gemaskerde commando’s en hun Heckler&Koch-aanvalswapens. Die stonden daar om hun stadions te beschermen tegen ons.

Bij onze eigen club doen ze soms ook mal. Om voortaan naar Telstar of Sparta te mogen, moesten we onze paspoortgegevens en foto’s afgeven bij Ticketmaster, onderdeel van het niks al te frisse Live Nation. Onze persoonsgegevens wilden ze bewaren op servers in weet-ik-veel-waar. ‘Kaant nie wies’, is de Sallandse volkswijsheid die daarbij past. Er is al jaren analoge identificatie, dat werkt prima. Gelukkig keerde de rede rap terug op Larenstein nadat al onze supporterscollectieven eendrachtig in actie kwamen op de manier waarin ze zelfverklaard kampioen zijn: lastig doen.

Die lastige supporters vinden in hun argumentatie een opvallende bondgenoot in de KNVB en de politie. Ik ben een trouwe lezer van de jaarlijkse veiligheidsmonitor van bond en hermandad. Daarin lees ik nul komma nul aanleiding om de teugels aan te halen. Er komen elk seizoen bijna zes miljoen toeschouwers naar eredivisiewedstrijden en daarvan krijgt 0,0054 procent een proces-verbaal. Dat gaat soms om ernstige zaken, soms om klein bier. Ik ben even het CBS ingedoken. In 2025 waren er alleen al in mijn gemeente (Raalte) 680 geregistreerde misdrijven. Op minder dan 40 duizend inwoners, nog geen Kuip vol. Toch mogen Raaltenaren zonder verplichte buscombi op vakantie.

Incidentele ophef vertroebelt de blik op de hoofdlijn. De politie-inzet rond voetbalwedstrijden is in tien jaar tijd met twintig procent gedaald. Het aantal stadionverboden daalt al jaren, evenals het aantal incidenten. Toch stijgt het begrip voor collectieve straffen. Ik voer stomvervelende discussies met medesupporters die hun persoonsgegevens gráág op Amerikaanse servers willen deponeren omdat het nog veiliger moet. Nog veiliger? Ik mag er niet aan denken.

We hebben net weer een potje achter de rug op het meest veilige tijdstip, zondag kwart over twaalf. Tuurlijk, die magische hakbal van Tengstedt staat voorgoed in mijn geheugen gegrift, maar de sfeer? Ver van memorabel.

De verwipkippisering is funest voor de totaalbeleving van het product voetbal. De wedstrijd die vorig seizoen dit gevoel het best illustreerde, was de IJsselderby. Het uitvak werd al voor de aftrap ontruimd. Terecht of onterecht? Daar zet ik met liefde een andere keer een boom over op, deze column duurt al te lang. Onze roodgele rebellenclub liet die dag het volk uit de provinciehoofdstad alle hoeken van het veld zien. De uitslag? Historisch! De IJssel was nog nooit zó van ons. Nimmer hebben we hullie van dertig kilometer stroomafwaarts harder vernederd. Alleen, er was geen bal aan. Het was de saaiste verpletterende overwinning op een aartsvijand ooit. Mangs bu-j te bange.

Vorig artikelTrainer van het Jaar 2025/2026: Kick Maatman
Bart de Haan
Bart de Haan (1971) is geboren in Raalte, groeide op in Broekland en na de nodige omzwervingen woont hij tegenwoordig al ruim twintig jaar met zijn gezin in Luttenberg. Een Sallander dus die verhalen schrijft en magazines maakt. Ook kun je hem bellen voor korte films, publieke interviews, eindredacties en communicatie-advies. De Sallander volgt Kowet met zijn vrienden vanuit vak 8. Betrokken, fanatiek, maar Bart kan ook de schoonheid van falen en de charme van kneuterigheid waarderen. ‘Zonder dalen zijn de pieken minder mooi.’ In tv-kwis Met Het Mes Op Tafel verklaarde de Sallander meermaals zijn liefde aan het rood en geel. Als Bart het antwoord niet wist, schreef hij ‘Kowet’ of ‘0570’ op in het schermpje.